Galstenen en voeding

De galblaas is een onderdeel van ons spijsverteringsstelsel. Het is dan ook geen verrassing dat uit verschillende studies blijkt dat voedingsfactoren invloed hebben op het ontwikkelen van galstenen (cholelithiasis). Hieronder staan een aantal voedingsfactoren op een rij die het risico op galstenen beïnvloeden:

  • Hoge calorie-inname: dit leidt tot overgewicht en bij overgewicht bestaat een grotere kans op galstenen (een van de 4 F’s).
  • Geraffineerde (enkelvoudige) suikers: deze suikers (witte suiker of kristalsuiker en producten die daarvan zijn gemaakt) vergroten de kans op insulineresistentie. Bij insulineresistentie worden vaker galstenen aangetroffen.
  • Verzadigde dierlijke vetten, transvetten, gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën verhogen het risico op galstenen.
  • Onbalans tussen omega 6 en omega 3 vetzuren: te weinig omega 3 vetzuren (visolie) verhoogt de concentratie van bepaalde vetten in het bloed, de triglyceriden. Hyper-triglyceridemie (teveel triglyceriden) gaat samen met een toegenomen cholesterolafscheiding in gal en verminderde galblaascontractie. Visolie inname verhoogt de galzuurproductie en zorgt voor een betere galblaascontractie, tegelijkertijd zal de concentratie van triglyceriden afnemen. Daarnaast zorgt visolie voor verlaging van de afscheiding van slijm in de galblaas. Slijmvorming in de galblaas verhoogt het risico van vorming van galstenen sterk.
  • Onvoldoende plantaardige eiwitten leiden net als te weinig omega 3 vetzuren tot verhoging van triglyceriden. Plantaardige eiwitten hebben een remmend effect op de kristallisatie van cholesterol.
  • Onvoldoende vezels. Onoplosbare vezels uit volle granen (haver), peulvruchten, zaden (lijnzaad) en noten (walnoten) en oplosbare vezels (inuline) verlagen het cholesterolgehalte. Ze stimuleren de omzetting van cholesterol in galzuren, remmen de cholesterol-aanmaak in de lever, verlagen de triglyceriden en verhogen de insulinegevoeligheid. Ze versnellen het spijsverteringsproces in de darmen, waardoor er minder secundaire galzouten worden gevormd (deze geven weer meer cholesterolverzadiging in de gal). Een voldoende hoeveelheid van de juiste vezels eten verlaagt dus de kans op galstenen.

Meer links over galstenen