Hypoxemie: oorzaken, klachten, behandeling

Wat is hypoxemie?

Hypoxemie is een tekort aan zuurstof in het bloed. Dit wordt veroorzaakt doordat de overdracht van zuurstof vanuit de longen naar het bloed bemoeilijkt is.

Symptomen van hypoxemie

Voorkomende klachten zijn:

  • Hoofdpijn, duizeligheid
  • Dubbelzien, verwardheid
  • Slaperigheid, collapsneiging
  • Afname nachtelijk gezichtsvermogen
  • Zweten
  • Coördinatiestoornis
  • Spraakstoornis
  • Bewusteloosheid

Oorzaken van hypoxemie

Veel longblaasjes gaan verloren door steeds terugkerende infecties. Wanneer dit het geval is, komen de zuurstofopname en de koolzuurafgifte in moeilijkheden.

Ditzelfde gebeurt als er sprake is van een samengevallen long (ook wel atelectase genoemd). Hierbij kan een tijdelijk zuurstoftekort ontstaan. In eerste instantie is er in rust geen zuurstoftekort en gebeurt dit pas bij inspanning. Bij verdere vermindering van een aantal longblaasjes die voor de gaswisseling zorgen, zal op een zeker moment ook hypoxemie bij rust optreden en ontstaat er een continue zuurstofbehoefte.

Verdere oorzaken van hypoxemie kunnen zijn:

  • Hypoventilatie
  • Ongelijkmatige verhouding van ventilatie en vochttoediening; plaatselijk is het zuurstofaanbod niet voldoende om de hoeveelheid bloed die er lang stroomt te verzadigen

Behandeling van hypoxemie

Door middel van zuurstofbehandeling wordt een toename van de hoeveelheid zuurstof in het bloed beoogd, waardoor een aanwezig hypoxemie vermindert en de zuurstoflevering aan de weefsels verbetert.

hypoxemie

Zuurstofbehandeling heeft echter alleen effect als er sprake is van een goede ademhaling in de longen, als er een goede circulatie aanwezig is en als het hemoglobinegehalte (het gehalte van ijzer in het bloed) op peil is. Zuurstoftekort is ’s nachts meestal erger. De patiënt slaapt dan slecht, heeft ’s morgens hoofdpijn en is vaak moe. Nachtelijke zuurstoftherapie kan daarbij helpen. De behandeling bestaat uit het toedienen van zuurstof via een zuurstoffles of door middel van een zuurstofconcentrator of een tankje dat vloeibare zuurstof bevat. Aan het tankje is een slang gekoppeld waardoor de zuurstof via een neussonde of neusbril wordt gegeven. Om te bepalen hoeveel zuurstof gegeven moet worden, kan men de zuurstofsaturatie meten.